Pools stadje (Oswiecim), 53 kilometer ten westen van Krakau, berucht geworden als een nazi-concentratiekamp.
Op bevel van Heinrich Himmler werden in 1940 zeven dorpen (bewoond door Polen en joden) ‘geruimd’. Sinds 1942 het grootste kamp (naast onder meer Sobibor, Treblinka en het nabij gelegen Birkenau) in dienst gesteld van de massavernietiging van de joden, de zogenaamde Endlösung der Judenfrage met zijn gaskamers en crematoria. Boven de ingangspoort kon men lezen: Arbeit macht frei. In werkelijkheid was, naast onmenselijke slavenarbeid het doel ‘directe uitroeiing, langzame vernietiging en afgrijselijke straffen’ (Presser 1965). Auschwitz had 39 nevenkampen en is symbool geworden van de gruwelijkheid van het nationaal-socialisme en dan met name van de Duitse Schutzstaffel (SS). Het aantal vermoorden is ongeveer anderhalf miljoen.
Auteur
H.G. Leigh [uit: G. Harinck e.a. (red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)]
Verder lezen
J. Presser, Ondergang. De vervolging en vernietiging van het Nederlandse jodendom 1940-1945, 2de deel (Den Haag 1965)
H.W. van den Dunk, Voorbij de verboden drempel. De Shoah in ons geschiedbeeld (Amsterdam 1990)