Van het Latijnse sequi (volgen); heeft de betekenis gekregen van een relatief kleine groep mensen, die zich verenigd heeft rond een religieus idee en/of een charismatische religieuze leider.
In de praktijk is een sekte vaak een afscheiding binnen een grote(re) religieuze stroming of van een van haar hoofdinstituten. Belangrijke redenen kunnen zijn: een zich ontheemd voelen in de grote gemeenschappen, of een zich miskend voelen, of vanuit onvrede over een al dan niet terecht gevoelde verwaarlozing en/of veronachtzaming van een van geloofspunten. Een sekte concentreert zich over het algemeen op een bepaald kernpunt van het geloof in tegenstelling met de grote(re) geloofseenheden die zich richten op de totale inhoud van hun geloofsopvatting.
De sekte kent over het algemeen een strak organisatiepatroon en stelt meestal hoge zedelijke eisen aan haar
volgelingen. Omdat het begrip de negatieve klank van ‘scheurmakerij’ heeft gekregen, wordt tegenwoordig vaak de aanduiding nieuwe religieuze beweging gebruikt.
Auteur
E.G. Hoekstra [uit: G. Harinck e.a. (red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)]
Verder lezen
E.G. Hoekstra en M.H. Ipenburg, Wegwijs in religieus en levensbeschouwelijk Nederland (Kampen 2003)