Nederlandse vertaling van de bijbel, bekend als de Nieuwe Vertaling.
In 1911 besloot een aantal protestantse theologen een nieuwe vertaling te maken die in de volle breedte van de kerken gebruikt zou kunnen worden. Vanaf 1927 ondersteunde het Nederlands Bijbelgenootschap (NBG) deze onderneming. De groep vertalers was afkomstig uit verschillende kerken en verschillende theologische richtingen. In 1939 verscheen het Nieuwe Testament en in 1951 de volledige bijbel. De Nieuwe Vertaling werd al heel snel door de meerderheid van de protestantse kerken in gebruik genomen. Zie ook: Nederlandse bijbelvertalingen.
Auteur
AJ. van den Berg [uit: G. Harinck e.a. (red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)]