Heldringstichtingen

Stichtingen in Zetten die hun naam ontlenen aan de predikant O.G. Heldring.

De eerste stichting was het asiel Steenbeek (1848), voor de opvang van prostituees die hier een opleiding
tot dienstbode konden volgen. Daarna volgden Talitha Kumi (1857) en Bethel (1863), voor verwaarloosde meisjes van twaalf tot zestien, respectievelijk zestien tot twintig jaar. Onder de opvolgers van Heldring kwamen tot stand de opleidingshuizen Hosa Semna (1882) en Hosa Euphêma (1887), het Magdalenahuis voor ongehuwde moeders (1882), het Kinderhuis (1883), het observatiehuis De Arenhorst (1921) voor jonge meisjes, en het Lingehuis (1938) voor moeilijke meisjes uit de betere kringen. Tot de stichtingen behoorden ook een normaalschool en een vakschool voor vrouwenarbeid.

De Heldringstichtingen hebben in de geschiedenis van de christelijke barmhartigheid een grote rol gespeeld en betekenden voor vele duizenden meisjes een keerpunt in hun leven.
Aan het eind van de twintigste eeuw ressorteerden onder de Heldringstichtingen onder meer een orthopedagogisch centrum (de Ottho Gerhard Heldring Stichting), een school voor VSO-ZMOK (de Brouwerij), een psychologisch onderzoeksinstituut (het Ambulatorium), en een stichting voor kinder- en jeugdpsychiatrie (De Lingewal). Tezamen fungeren zij als centrum van justitiële zorg voor jongeren.

Auteur

O.W. Dubois [uit: G. Harinck e.a. (red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)]

Verder lezen:

Hebt allen lief die u omgeven. 150 jaar Heldringstichtingen 1848-1998 (Wageningen s.a. [1998])