Belangenorganisatie, in 1952 voortgekomen uit initiatieven van dissidenten uit het Christelijk Nationaal Vakverbond
Het Gereformeerd Maatschappelijk Verbond (GMV) rekruteerde zijn leden uitsluitend uit de Gereformeerde
Kerken (Vrijgemaakt) en stond open voor zowel ondernemers als werknemers. Het GMV greep met deze structuur terug op oorspronkelijke uitgangspunten van Patrimonium en op de organisch-solidaristische gemeenschapsideeën van J.C. Sikkel uit het begin van de twintigste eeuw. Het aantal werkgeversleden bleef overigens altijd zeer beperkt.
Maatschappelijke realiteit en beperkte werfkracht noopten het GMV in 2003 deze structuur en exclusieve oriëntatie op vrijgemaakten los te laten, en als ‘christennetwerk’ van zelfstandige eenheden van werknemers (VakGMV), werkgevers (TopGMV), jongeren (JongGMV) en senioren/anders actieven (PlusGMV) zijn werkzaamheden voort te zetten. Bij het ‘christennetwerk GMV’ waren in 2003 in totaal circa 12.000 leden aangesloten.
Auteur
Paul Werkman [uit: G. Harinck e.a. (red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)]
Verder lezen
A. van Renssen, ‘Een practische realisering van het Schriftwoord’, in: R. Kuiper e.a. (red.), Vuur en vlam II (Amsterdam 1998)