Bloedige gebeurtenis, met verreikende gevolgen, in de reeks van godsdienstoorlogen die Frankrijk in de zestiende eeuw heeft verscheurd.
De massaslachting onder hugenoten begon in de nacht van 23 op 24 augustus (feest van de Heilige Bartholomeus) 1572 in Parijs. Dit gebeurde na een mislukte aanslag op de leidsman der calvinisten, Gaspard de Coligny, waarschijnlijk gepleegd op instigatie van de chef van het katholieke kamp, hertog Henri de Guise. Het is niet zeker wie precies de intriges heeft gesponnen of de bevelen gegeven die tot de catastrofe zouden leiden: de jonge koning Karel IX (1550-1574), koningin-moeder Catherine de Medici (1519-1589) of, op de achtergrond,
Philips II van Spanje (1527-1598).
De eerste slachtoffers werden de protestantse edelen die in Parijs waren samengekomen voor de viering van het huwelijk van Henry de Navarre en Margot, zuster van de koning. Na de aanslag op Coligny liep de spanning op: de protestantse jonkers zouden jegens het koninklijk gezag een dreigende houding hebben aangenomen. De raad van de koning (waarvan de koningin-moeder deel uitmaakte) besloot tijdens nachtelijk beraad de huwelijksgasten
om te brengen. De hertog liet Coligny als eerste doden, daarmee een oude familievete beslechtend. Het bigotte, ultrakatholieke volk van Parijs, angstig door de nood der tijden en tegen de calvinisten opgehitst door rooms-katholieke predikers, voelde zich door deze moordpartijen door het koninklijke gezag gelegitimeerd om onder hen een slachting aan te richten die enkele dagen en nachten heeft geduurd.
Gedurende de weken en maanden die volgden zou de moordlust overslaan op de verscheidene provinciesteden waar duizenden protestanten werden omgebracht. De schattingen van het aantal slachtoffers lopen uiteen van tien- tot dertigduizend. Zie ook de Franse reformatie.
Auteur
Pierre Louis van Enk [uit: G. Harinck e.a. (red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)]
Verder lezen
Denis Crouzet, La nuit de la Saint-Barthélemy. Un rêve perdu de la renaissance (Parijs 1994)