Van het Griekse pentekostè: vijftigste (dag). Het kerkelijk feest, vijftig dagen na Pasen, ter herdenking van de uitstorting van de Heilige Geest over Jezus’ leerlingen in de vorm van vurige tongen (Hand. 2:1-13).
In de schilderkunst worden niet alleen vlammetjes boven de hoofden van Maria en de leerlingen afgebeeld, maar gewoonlijk ook een duif als symbool van de Heilige Geest. Het pinksterfeest is in de plaats gekomen van het oogstfeest, dat op het moment van de uitstorting gehouden werd in Israël.
Auteur
Katholiek Documentatiecentrum [uit: G. Harinck e.a. (red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)]