Spiritus is een vertaling van het nieuwtestamentische begrip pneuma en het oudtestamentische begrip ruach. De grondbetekenis is adem of wind, maar meestal wordt het vertaald met ‘geest’.
De apostel Paulus schreef herhaaldelijk over de geest en de geestelijke mens en hij stelde die dan tegenover het vlees en de vleselijke mens (Rom.8, 1 Kor.2; Gal.5). Geestelijk had bij hem betrekking op het hele leven zoals dat door de pneuma van God wordt omgevormd. ‘Vlees’ daarentegen is de mens voorzover die zich afsluit voor de omvormende werking van de Geest. Het zelfstandige naamwoord spiritualiteit werd pas vanaf de vijfde eeuw gebruikt, ook in de betekenis van het hele christelijke leven. Gaandeweg kreeg het echter een steeds smallere betekenis en vanaf 1100 betekende het vooral: dat wat juridisch tot het domein van de kerk behoort, afgezonderd van de wereld. Om een leven vanuit de innerlijke bewogenheid van de Geest aan te duiden, werden andere woorden gebruikt, zoals devotie, vroomheid, en, in reformatorische kring, godzaligheid of geestelijk leven.
Vanaf het midden van de twintigste eeuw maakte het woord spiritualiteit weer een comeback, nu in de breedte van de oecumene. Aanvankelijk lag binnen de kerken de nadruk op de herontdekking van de christelijke spirituele erfenis: de mystici, meditatie en contemplatie, de spiritualiteit van reformatorische stromingen. Gaandeweg verschoof de aandacht naar vragen als: de spiritualiteit van het dagelijkse leven, de relatie van spiritualiteit en theologie, de dialoog tussen christelijke spiritualiteit en die van andere godsdiensten, en van bewegingen als new age. Spiritualiteit kreeg steeds meer een plaats in de theologische opleidingen, maar onduidelijk bleef welke plek spiritualiteit moet innemen in de theologische encyclopedie.
Het Titus Brandsma Instituut in Nijmegen heeft een internationale reputatie op dit gebied en is een belangrijke motor voor spiritualiteitsstudie in Nederland. Belangrijke thema’s zijn: de relatie van spiritualiteit en mystiek; de verhouding tussen spiritualiteit en ethiek; non-verbale uitingen van spiritualiteit zoals lichaamstaal en beeldende kunst.
Spiritualiteit wordt niet alleen bestudeerd vanuit de theologie, maar ook vanuit de psychologie en de sociologie. Daarbij wordt spiritualiteit vaak als een algemeen menselijk fenomeen beschouwd; de zoektocht naar een zinvol, humaan leven, al dan niet met een relatie tot het transcendente. Vanaf het eind van de twintigste eeuw is er in toenemende mate belangstelling voor spiritualiteit in managementkringen.
Centraal daarin staan de aandacht voor bezieling en inspiratie in het werk, en de wijze waarop men deze kan stimuleren en begeleiden. Daarnaast is er belangstelling voor de betekenis van spiritualiteit in de zorgsector.
Het bejegenen van patiënten en cliënten als mensen met levensvragen en spirituele behoeften, krijgt expliciete aandacht. Ook wordt steeds meer het belang ingezien van het bevorderen van spirituele motivatie bij werkers in de zorgsector. Daarbij worden spirituele disciplines uit verschillende religies toegepast, zoals meditatie, het gebruik van rituelen, het lezen van mystieke teksten. Door deze groeiende belangstelling voor spiritualiteit is het woord langzamerhand een containerbegrip geworden dat heel veel betekenissen kan hebben.
Dit roept de vraag op naar een heldere definitie die duidelijk omschrijft welke fenomenen men wel en welke niet met spiritualiteit wil aanduiden. Andere vragen die nog grondige studie vergen hebben te maken met het feit dat alle spiritualiteit door mensen geconstrueerd is binnen een sociaal-historische context, terwijl het wezen ervan zich hieraan onttrekt en boven alle menselijke constructies uitgaat. Maar ook vragen als: bestaat er spiritualiteit zonder een bewuste relatie met het transcendente, kan men spirituele disciplines losmaken uit hun oorspronkelijke religieuze setting en in een geseculariseerde setting overbrengen, zullen de agenda nog wel een tijdje bepalen.
Auteur
Kick Bras [uit: G. Harinck e.a. (red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)]
Verder lezen
W. van ’t Spijker e.a. (red), Spiritualiteit (Kampen 1993)
K. Waaijman, Spiritualiteit, vormen, grondslagen, methoden (Kampen 2000)
K. Bouman, K. Bras (red), Werken met spiritualiteit (Baarn 2001)
Zie ook: Spiritualiteit (2008)