‘Esoterisch’ betekent: de binnenkant betreffend. Het gaat hier om leringen en praktijken die alleen binnen de desbetreffende religieuze groep gekend mogen worden.
Wie ze wil kennen, zal ingewijd moeten worden en de gelofte afleggen te zwijgen over wat hem wordt geleerd. De mysteriereligies uit de Oudheid zijn bij uitstek esoterische bewegingen te noemen: de Pythagoreeërs, de Orphiërs, de Eleusinische mysteriën. In het christelijke Europa wordt esoterisch de aanduiding van die groepen, die afwijken van de reguliere christelijke leer en zich daarbij met name gnostisch oriënteren (zie gnostiek). Te denken valt aan de alchemie en aan groepen die sterk door de hermetische geschriften werden beïnvloed (zie hermetisme). Ook Jakob Boehme dient hier genoemd te worden. Hoewel deze esoterische stromingen en leringen door de kerken bestreden werden, kregen ze niettemin steeds meer interesse en aanhang.
Als in 1717 de eerste vrijmetselaarsorde wordt gesticht, krijgt de esoterie een duidelijke plaats in het Westen (zie vrijmetselarij). Er ontstaan in die tijd zeer vele orden en bewegingen (Illuminaten, Gold- und Rosenkreuzer), die alle een geheime leer kennen, afwijkend van de christelijke traditie. Steeds is de gnostische
grondstructuur hierin herkenbaar: de mens is ten diepste goddelijk, komt tot inzicht en kan via graden opklimmen naar de hoogste wijsheid.
In de negentiende eeuw krijgt de esoterie een sterke impuls door het ontstaan van het spiritisme (officieel in 1848). Deze stroming is minder uitgesproken gnostisch en kent niet altijd geheimhouding. Als in 1875 door Blavatsky de Theosofische Vereniging wordt opgericht, treffen we een nieuw soort esoterie aan die een zeer sterke invloed zal krijgen. Deze organisatie is uitgesproken gnostisch, en tegelijk universalistisch: men zoekt in alle religies de ware gnostische kern, en breidt het eigen leersysteem uit met elementen uit andere religies; zo is door de theosofie reïncarnatie bekend geworden.
Uit het theosofische denken zijn vele groepen ontstaan: antroposofie (Rudolf Steiner), christengemeenschap, Vrije Katholieke Kerk, diverse groepen Rozenkruisers, de Amerikaanse New Thought-beweging en I Am-beweging, enzovoorts. De aan het eind van de twintigste eeuw ontstane new age-stroming kan ook tot de esoterie gerekend worden.
Veel groepen en aanhangers beroepen zich op de oudere esoterie; men kent de gnostische grondstructuur, alleen de geheimhouding is hier in principe verdwenen, omdat men van mening is dat in deze tijd de ‘oeroude wijsheid’ door iedereen gekend mag worden. We zien dat in de moderne esoterie kerk en christelijk geloof afgeschreven worden. Aangezien de kerk de gnostische principes afwijst, wordt zij op haar beurt door de esoterie afgewezen.
Auteur
R. Kranenborg [uit: G. Harinck e.a. (red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)]
Verder lezen
Wouter J. Hanegraaff, New Age Religion and Western Culture. Esotericism in the Mirror of Secular Thought (Leiden 1996)