Arabisch voor ‘de God’.
In de koran het meest gebruikte woord voor God. Allah kan beschouwd worden als eigennaam van God, maar eveneens als algemene aanduiding van God. Niet alleen moslims, maar ook Arabische christenen spreken van en over God als Allah. In Arabische vertalingen van de bijbel wordt God vertaald met Allah. Wanneer de opvatting gedeeld wordt dat joden, christenen en moslims dezelfde God als Abraham belijden, dan verdient het aanbeveling om Allah in het Nederlands altijd weer te geven met God. Voor moslims is God de éne en énige, de schepper, de almachtige, de rechtvaardige en de barmhartige.
Auteur
Herman Beck [uit: G. Harinck e.a.(red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)]