Opvatting dat de geschapen werkelijkheid bestaat uit een pluriforme veelheid van ongelijke verschijnselen en levenskringen, elk met eigen aard, taak en levenswet, maar gelijkwaardig en soeverein in eigen kring.
Alle geschapen verschijnselen – zowel in de natuur, als in de menselijke samenleving– zijn onderworpen aan de eigen structuurwetten, die aan elk de eigen identiteit, wording, ontwikkeling en functie aangeven. Het geheel van de geschapen werkelijkheid is een architectonisch bouwwerk, waarin elk verschijnsel naar zijn karakter zijn eigenaardige functie vervult, en daardoor het geheel laat ontwikkelen. Zo worden bijvoorbeeld de individu, het gezin, de familie, de samenleving of de staat onderscheiden, elk met eigen structuren, functie en soevereiniteit.
Elementen van het denken over de soevereiniteit in eigen kring waren al herkenbaar in het oude denken over de standensamenleving. Actualiteit en bekendheid in Nederland kreeg de gedachte met name, toen A. Kuyper in 1880 de Vrije Universiteit opende met een rede over dit thema. Daarin schetste hij niet alleen de kosmische betekenis ervan, maar wees ook haar concrete toepasbaarheid aan. Soevereiniteit in eigen kring eist een wetenschap vrij van kerk en staat, een vrije kerk, een vrije school, vrije sociale organisaties op tal van terreinen, en een staat die beperkt is tot haar eigen, bescheiden terrein. Na Kuypers overlijden is dit principe uitgewerkt en verbreed in de Wijsbegeerte der Wetsidee.
In de antirevolutionaire beweging fungeerde de soevereiniteit in eigen kring vooral als strijdmiddel tegen staatsingrijpen in het niet-staatkundig leven en werd in de tijd van de verzuiling alom gehanteerd. Na 1950 werd het principe wegens haar conservatieve effecten op het streven naar de publieke ordening en opbouw van de welzijnsamenleving, langzaamaan verlaten.
Het beginsel van de soevereiniteit in eigen kring is echter nog steeds invloedrijk, zeker niet alleen in Nederland. Het is onder andere terug te vinden waar gedacht wordt over neocorporatisme, een terugtredende overheid, de verantwoordelijke samenleving, de rol van het maatschappelijk middenveld, en een gezonde civil society.
Auteur
G.J. Schutte [uit: G. Harinck e.a. (red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)]
Verder lezen
A. Kuyper, Soevereiniteit in eigen kring (Amsterdam 1880)
J.D. Dengerink, Critisch-historisch onderzoek naar de sociologische ontwikkeling van het beginsel der soevereiniteit in eigen kring in de 19e en 20e eeuw (Kampen 1948)
W. Albeda en M.D. ten Hove, Neocorporatisme (Kampen 1980)
Gedeelde verantwoordelijkheid (Den Haag 1986)