Duits nationaal-socialistisch politicus en dictator (Braunau am Inn 20.4.1889 - Berlijn 30.4.1945)
Aanstichter van de Tweede Wereldoorlog, die als Führer (leider) van het Duitse Rijk tussen 1933 en 1945 een poging deed af te rekenen met de joods-christelijke beschaving. In zijn boek Mein Kampf (1925/1927), zowel autobiografie als politiek pamflet, propageerde Hitler een vitalistisch heidendom, waarin de arische mens als heerser van de beschaving werd voorgesteld, die andere rassen (Slavische volkeren, joden) zou moeten onderwerpen of vernietigen.
Afkomstig uit een rooms-katholiek, Oostenrijks gezin, sprak Hitler veelvuldig over de voorzienigheid, die hem zijn missie zou hebben opgedragen. Met het christendom had die missie echter niets van doen. Integendeel, na de vernietiging van het Europese jodendom stelde Hitler zich een afrekening met het christendom ten doel. De nederlaag van Duitsland en zijn daaropvolgende zelfmoord voorkwamen dat Hitler in zijn missie slaagde. Zijn brute wereldbeschouwing, die niet minder beoogde dan een ‘herwaardering van alle waarden’, kostte miljoenen mensen het leven en hebben van Hitler de meest invloedrijke figuur van de twintigste eeuw gemaakt, die ook in de theologie zijn sporen naliet. Andere belangrijke publicaties van Hitler zijn te vinden in: Gerhard L. Weinberg (red.), Hitlers zweites Buch (1961) en M. Domarus (red.) Hitler. Reden und Proklamationen (1962).
Auteur
Wim Berkelaar [uit: G. Harinck e.a.(red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)]
Verder lezen
Friedrich Heer, Der Glaube des Adolf Hitler (1968)
J. Fest, Hitler. Eine Biographie (1973)
P.F.M. Fontaine, De onbekende Hitler (1992)
I. Kershaw, Hitler. Hybris (1999)
I. Kershaw, Hitler Nemesis (2000)