Advocaat en katholiek politicus (Amsterdam 10.7.1891 - Buchenwald 14.4.1941)
Carel Goseling was lid van de Tweede Kamer voor de Rooms-Katholieke Staatspartij (RKSP) in de jaren 1929-1937, vicefractievoorzitter van 1932 tot 1936 en fractievoorzitter in de jaren 1936-1937. Vervolgens werd hij minister van Justitie tot medio 1939; in die functie voerde hij een terughoudend beleid bij de toelating van joodse vluchtelingen uit nazi-Duitsland. Goseling combineerde vanaf 1930 tot aan zijn ministerschap zijn Kamerwerk met het partijvoorzitterschap. Hij was voorstander van samenwerking van rechtse partijen.
Goseling raakte in 1939 in moeilijkheden toen hij in de zogenaamde zaak-Oss de marechaussee in Oss ten onrechte de opsporingsbevoegdheid ontnam. Door de val van het kabinet hoefde hij daar niet zelf de consequenties uit te trekken. Hij overleed tijdens zijn internering in kamp Buchenwald.
Auteur
Jan Ramakers [uit: G. Harinck e.a.(red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)]
Verder lezen
Johan van Merriënboer, ‘Mr. C.M.J.F. Goseling. Parlementslid, partijvoorzitter, fractievoorzitter van de RKSP en minister van justitie in de jaren dertig’, in: Jaarboek Katholiek Documentatie Centrum 20 (1990) 97-121