Van 1795-1806 de vazalstaat van het revolutionaire Frankrijk, gevestigd op het overgrote deel van het grondgebied van de vroegere Republiek der Verenigde Nederlanden.
De Bataafse republiek ontstond nadat begin 1795 het Franse leger over de bevroren rivieren de oude Republiek binnentrok en stadhouder Willem V (1751-1795) de vlucht nam naar Engeland. Ze werd beheerst door de patriotten, die in 1787 de vlucht hadden moeten nemen voor het door het Pruisische leger bewerkte herstel in de macht van de Oranjestadhouder, en sindsdien vanuit Frankrijk en clandestien vanuit eigen land de oppositie tegen de oude Republiek hadden voortgezet. Bij het verdrag van ’s-Gravenhage (16 mei 1795) erkende Frankrijk weliswaar de Bataafse republiek als een zelfstandige staat, maar het hield, vooral in de buitenlandse politiek, stevig de vinger aan de pols, getuige de gedwongen oorlogsverklaring aan Engeland in september 1795. De Staten-Generaal schikten zich met tegenzin in de nieuwe verhoudingen en bleken bijvoorbeeld slechts met veel moeite bereid op hun laatste dag, 29 februari 1796, Brabant en Drente als gelijkwaardige gewesten op te nemen.
Op 1 maart 1796 werden zij vervangen door de Nationale Vergadering, die al spoedig de scheiding van kerk en staat en de gelijkstelling van de joden doorvoerde. Zij ging op weg naar een unitaire grondwet, die na veel strubbelingen en zelfs twee staatsgrepen in de zomer van 1798 leidde tot de ene en ondeelbare Bataafse republiek. Het federalisme was voorbij: bij de indeling naar Frans model van de departementen werden de grenzen van de oude gewesten doelbewust doorbroken. Na de vrede van Amiens tussen Engeland en Frankrijk (1802) leek even dat de republiek in rustiger vaarwater zou komen. Spoedig echter brak de oorlog opnieuw uit en het Staatsbewind van twaalf leden, dat in 1801 het eerste Uitvoerend Bewind van 1798 was opgevolgd, functioneerde niet zoals consul Napoleon wilde. Deze streefde naar een eenhoofdig bewind: in 1805 werd Rutger Jan Schimmelpenninck staatshoofd met de titel raadpensionaris. Een jaar later werd Lodewijk Napoleon koning van Holland en verdween de Bataafse republiek.
Auteur
J. Peijnenburg [uit: G. Harinck e.a.(red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)]
Verder lezen
S. Schama, Patriotten en bevrijders. Revolutie in de Noordelijke Nederlanden 1780-1813 (Amsterdam 1989)
Rolf Toman, De kunst van de barok. Architectuur, beeldhouwkunst, schilderkunst (Keulen 1998)
Joost Rosendaal, De Nederlandse Revolutie : vrijheid, volk en vaderland, 1783-1799 (Nijmegen 2005)