Organist en componist (Deventer 5.1562 - Amsterdam 12.10.1621)
Vermoedelijk kreeg Jan Sweelinck les van zijn vader, die organist was van de Oude Kerk in Amsterdam, en van Jan Willemszoon Lossy. Sweelinck was vanaf 1580 stadsorganist van de Oude Kerk aldaar. Hij maakte naam als improvisator (orgel en clavecimbel) en pedagoog. Veel van zijn leerlingen kwamen uit Duitsland, wat hem de bijnaam Hamburger Organistenmacher opleverde. Het oeuvre van Sweelinck omvat ruim 250 vocale werken. Verder zo’n 70 werken voor toetsinstrumenten: fantasieën, echofantasieën, toccata’s en variatiewerken. Op 4 canons na zijn de werken overgeleverd in oude drukken en afschriften.
Karakteristiek is dat Sweelinck geen Nederlandse teksten toonzette, maar vooral Franse. Zijn monumentale verzameling 153 Psaumes de David, gebaseerd op de melodieën van het Geneefs Psalter, is uniek in de muziekliteratuur
Auteur
Frits Zwart [uit: G. Harinck e.a.(red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)]
Verder lezen
F. Noske, Sweelinck (Oxford 1988)
P. Dirksen, The Keyboard Music of Jan Pieterszoon Sweelinck (Utrecht 1997)