Christelijk-nationaal weekblad.
Als tegenhanger van populaire wereldse geïllustreerde bladen ontwikkelde de Amsterdamse gereformeerde uitgever Willem Kirchner (1866-1921) een ontspanningsblad voor christelijke gezinnen, waarin Gods woord de norm was. In 1906 verscheen het eerste nummer van De Spiegel. Berichten en kiekjes van ‘eigen erf ’ – jubilea van verenigingen, predikanten en bruidsparen – versterkten de protestantse nestgeur. Tussen 1906 en 1969 werden de pagina’s gevuld met feuilletons, korte verhalen, boekbesprekingen, overdenkingen, puzzels, reisreportages, kinderrubrieken (‘Jong Holland - Pak aan’) en vrouwenpagina’s (‘De Spiegelhuisvrouw’). Christelijke feestdagen, de koninklijke familie en de seizoenen waren jaarlijks terugkerende thema’s. Vanaf 1928 werd De Spiegel uitgebracht door Zomer & Keuning.
In 1941 verbood de Duitse bezetter het blad. Tijdens de naoorlogse decennia bevatte De Spiegel ook een autorubriek, een stripverhaal (‘Puk en Poppedijn’) en artikelen over maatschappelijke vraagstukken en problemen, zoals popmuziek en religieus gemengde huwelijken. Door de advertentieterugloop werd de uitgave gestaakt. Ben van Kaam noteerde in Trouw (29 november 1969), dat dit het einde was ‘van het gezellige christendom’.
Auteur
Jacques Dane [uit: G. Harinck e.a. (red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)]
Verder lezen
J. Dane, ‘“Opdat wij de hand Gods in alles mogen merken.” De eerste vijftien jaargangen van De Spiegel (1906-1921)’. In: G. Harinck en D. Th. Kuiper, Anderhalve eeuw protestantse periodieke pers (Zoetermeer 1999)