Christelijk cultuurcriticus die de confrontatie met de niet-christelijke wereld zocht (Den Haag 27.2.1922 - Ommeren 13.3.1977)
Hans Rookmaaker groeide op in een niet-christelijk gezin en studeerde scheepsbouwkunde, maar sinds hij als Duits krijgsgevangene werd bekeerd tot het christelijke geloof, bewoog hij zich op het terrein van de kunstgeschiedenis en ontpopte zich als cultuurambassadeur in christelijke kring. In 1965 werd Rookmaaker de eerste hoogleraar kunstgeschiedenis aan de Vrije Universiteit. De ideeën van Herman Dooyeweerd vormden de basis van zijn denken. In zijn belangrijkste boek, Modern Art and the Death of a Culture, verbond hij kunst weer met de werkelijkheid, herstelde schoonheid in ere en kritiseerde allerlei artistiek modernisme.
Rookmaaker verwierf in het buitenland meer naamsbekendheid dan in Nederland. Hij was nauw bevriend met Francis Schaeffer en stichtte diverse christelijke instellingen, zoals l’Abri en Internationaal Christelijk Studiecentrum (ICS). Rookmaaker was aanvankelijk lid van de Gereformeerde Kerken (vrijgemaakt), later van de Nederlands Gereformeerde Kerken.
Auteur
Tineke van der Waal-Goudriaan [uit: G. Harinck e.a.(red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)]
Verder lezen
Marleen Hengelaar-Rookmaaker (ed.), The Complete Works of H. R. Rookmaaker (Carlisle, 2002-2004)