Dichter en essayist (Zeist 30.9.1899 - [verdronken in Het Kanaal] 21.6.1940)
Protestants opgevoed. Onder invloed van onder meer Nietzsche ontgroeide hij deze kring en brak door met zijn invloedrijke vitalistisch-expressionistische dichtbundel Verzen (1923). Nooit rustig onder zijn atheïsme, boden calvinisme (Roel Houwink) en een flirt met het rooms-katholicisme omstreeks 1925 geen soelaas. Er volgde een decennium van zoeken naar vastheid en verworteling, onder meer bij het fascisme. In zijn essays uit die tijd overheerste een cultuurpessimisme, in zijn poëzie de dood. Andere thema’s waren de zee en het Hollandse landschap. Hij en Anton van Duinkerken kruisten meermalen de degens over de waarde van het christelijk geloof.
Vanaf 1933 veel in Zuid-Europa verblijvend, verruilde hij in de antieke wereld de sombere religieuze preoccupaties van zijn jeugd voor een zekere levensaanvaarding. Dit kwam tot uiting in zijn lyrische uitbarsting Tempel en kruis (1940), de dichtbundel waarin zijn biografie indrukwekkend vervloeide met de traditie van heidendom en christendom, nietzscheaanse cultuurkritiek en antinationaal-socialisme. Deze nieuwe, hoge fase in zijn dichterschap eindigde abrupt met zijn verdrinkingsdood, op de vlucht voor de Duitsers.
Auteur
George Harinck [uit: G. Harinck e.a.(red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)]
Verder lezen
Jaap Goedegebuure, Zee, berg, rivier. Het leven van H. Marsman (Amsterdam 1999)
george harinck