Brits historicus (Londen 27.4.1737 - Londen 16.1.1794)
Verwierf faam met zijn zesdelig werk Verval en ondergang van het Romeinse Rijk, dat tussen 1776 en 1788 verscheen. Als een typisch product van de Verlichting zag Gibbon in het Romeinse Rijk een strijd tussen vooruitgang en barbarij, belichaamd in het christendom. Dat zou door zijn tweerijkenleer het West-Romeinse rijk hebben ondermijnd en de ondergang hebben bespoedigd: het koninkrijk Gods werd boven de wereldlijke autoriteit van de keizer gesteld.
De visie van Gibbon heeft tot diep in de twintigste eeuw invloed uitgeoefend. Pas toen is zijn beeld van de late oudheid als strijdtoneel van heidendom en christendom bijgesteld en werd het eigen karakter van dit tijdvak beklemtoond. Het magnum opus van Gibbon vindt nu vooral erkenning als literair meesterwerk en wordt om die reden (in verkorte vorm) nog altijd herdrukt.
Auteur
Wim Berkelaar [uit: G. Harinck e.a.(red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)]
Verder lezen
M.A. Wes, Verslagen verleden. Over geschiedenis en oudheid (Amsterdam 1976)