Duits protestants componist (Neurenberg 24.6.1908 - Berlijn 1.11.1942)
Hugo Distler was sedert 1933 leraar aan de Musikhochschule te Stuttgart en vanaf 1940 in Berlijn dirigent van het Domkoor en docent orgel en compositie. Hij brak met het romantische idioom waarin veel Duitse componisten nog in de jaren twintig kerkmuziek schreven en zocht zijn inspiratie veeleer in de Barok, met name bij Schütz. Diens sobere, etherische stijl zou Distler aanvullen met een grote ritmische energie, sterk aan het Gregoriaans verwante melodieën en een meer harmonisch dan meerstemmig gedachte polyfonie. Zijn stijl werd een voorbeeld voor veel componisten van protestantse kerkmuziek na 1945, ook buiten Duitsland. Voor 1945 moest Distler zich permanent te weer stellen tegen het verergerende antireligieuze en antikerkelijke nazisme, waarop de componist in 1942 zelfmoord pleegde. Enkele van zijn belangrijkste werken: Deutsche Choralmesse (1933), Choral-Passion (1933) en Geistliche Chormusik (1934-36).
Auteur
Emanuel Overbeeke [uit: G. Harinck e.a.(red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)]