Architect (Roermond 16.5.1827 - Roermond 3.3.1921)
Hij kreeg zijn opleiding aan de Kunstacademie te Antwerpen en werd in 1851 stadsarchitect te Roermond. Van groot belang voor zijn verdere ontwikkeling waren zijn contacten met de Franse architectuur-theoreticus Eugène Viollet-le-Duc (1814-1879) en de Amsterdamse koopman-kunstkenner Joseph Alberdingk Thijm (1820-1889). Ook zijn connecties met het Rijnland en de kennismaking met de geschriften van de Engelse architect Augustus Welby Pugin (1811-1852) waren voor Cuypers van grote betekenis. Van 1865 tot 1894 woonde hij in Amsterdam, waar hij ook als ‘projectontwikkelaar’ optrad.
Cuypers is in Nederland de grondlegger geweest van de constructieve neogotiek en daarmee van een rationalistische manier van bouwen. Verder is hij bekend als restauratie-architect. Hoewel hij verschillende belangrijke profane bouwwerken tot stand heeft gebracht, zoals het Rijksmuseum (1877-1885) en het Centraal Station (1882-1889) te Amsterdam, en het kasteel de Haar in Haarzuilens (1892-1912), is hij toch vooral van belang als kerkbouwer. Zijn eerste kerken hebben meestal de vorm van een basiliek en vertonen een sterke Franse inslag, terwijl het constructieve karakter van de gotiek sterk wordt benadrukt. Hij bouwde zelfs enige kerken van een uitgesproken kathedraal-karakter: Veghel, St. Lambertus (1856-1862) en Eindhoven, St. Catharina (1859-1869).
Na 1870 bouwde Cuypers geen kathedraalachtige kerken meer, terwijl ook de nadruk op de constructieve elementen minder werd. Hij ging nu meer experimenteren met de kerkplattegrond, bijvoorbeeld in de Vondelkerk te Amsterdam (1870), waar hij een lengtekerk combineerde met een centraliserend achtkant. Centraliserende plattegronden zouden hem ook verder nog boeien, tot in zijn laatste kerk toe, de O.L. Vrouwekerk te Venlo (1913). Hij experimenteerde ook met een plattegrondtype met zeer breed middenschip en smalle zijbeuken (Amsterdam, St. Dominicus, 1884-1893) dat in de twintigste eeuw school heeft gemaakt, onder andere bij A.J. Kropholler. Cuypers heeft op de Nederlandse architectuur van de negentiende eeuw een onmiskenbaar stempel gedrukt en vooral de kerkbouw langdurig beïnvloed.
Auteur
A.J. Looyenga [uit: G. Harinck e.a.(red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)]
Verder lezen
A.J. Looyenga, ‘Petrus Josephus Hubertus Cuijpers’, in: Biografisch woordenboek van Nederland 3 (Den Haag 1989)