Dichter en centrale figuur van het Réveil (Amsterdam 14.1.1798 - Amsterdam 28.4.1860)
Hij groeide joods op. Onder invloed van Bilderdijk bekeerde hij zich uit groeiende innerlijke overtuiging tot het christendom en werd samen met zijn vrouw Hanna en Abraham Capadose op 20 oktober 1822 gedoopt. Zijn Bezwaren tegen den geest der eeuw (1823), een uiterst pessimistische cultuurkritiek, uitmondend in het geloof aan Christus als overwinnaar, riep vele afwijzende reacties op en veroorzaakte een jarenlang isolement.
In 1826 begon Da Costa met het houden van bijbellezingen op zondagavond. Deze zondagavonden vormden het eigenlijke begin van het Nederlandse Réveil. In de jaren dertig hield hij een reeks voorlezingen over de vaderlandse geschiedenis en was hij actief betrokken bij kerkelijke ontwikkelingen zoals die rond Kohlbrugge, de Afscheiding en de Groninger richting. Zijn maatschappelijke waardering groeide, wat zich in 1839 uitte in het lidmaatschap van het Koninklijk Instituut voor Letteren, Wetenschappen en Schoone Kunsten. Het hier voorgedragen vers Vijfentwintig jaren (1840) markeert de rentree van zijn dichterschap. In de jaren dertig en veertig maakte Da Costa een ontwikkeling door van contrarevolutionair naar antirevolutionair. De verheerlijking van het verleden en de verdediging van het vorstelijk absolutisme van de Bezwaren, hadden plaatsgemaakt voor erkenning van geleidelijke vooruitgang en aanvaarding van de constitutionele monarchie. In de geschiedenis zag hij nu een ‘legitieme progressie’.
Na 1840 heeft Da Costa nog enkele grote tijdzangen geschreven. Zijn dichterschap is getypeerd als bezield en profetisch. Door Beets is Da Costa gekarakteriseerd als een ‘mens die een verterend aandeel had in alles wat zijn tijd bewoog’. Enkele van zijn belangrijkste geschriften: Rekenschap van gevoelens bij gelegenheid van den strijd over het Adres aan de Hervormde Gemeente van Nederland (Amsterdam 1843) en Kompleete Dichtwerken (Leiden 1870).
Auteur
o.w. dubois [uit: G. Harinck e.a.(red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)]
Verder lezen
J. Haitsma, Isaäc da Costa 1798-1860 (Leiden 1993)
Zie ook
Isaäc da Costa (2008)