Bij herhaling voorkomende stijl in de kunst die zich baseert op voorbeelden uit een klassiek tijdvak, zoals Romeinse bouwkunst uit de tijd van keizer Augustus (27v. Chr.-14 n. Chr.), Griekse beeldhouwkunst uit de tijd van Praxiteles (4e eeuw v. Chr.), Italiaanse schilderkunst uit de tijd van Rafaël.
Classicistische perioden werden gekenmerkt door behoefte aan helderheid, orde en regelgeving. Ze ontstonden vaak als reactie op vrijere kunstvormen, maar traden ook naast deze stromingen op. In de bouwkunst was het classicisme een representatieve stijl gedurende de zeventiende en achttiende eeuw, vaak verwant met classicistische barok. Op het gebied van de schilderkunst ontwikkelde Nicolas Poussin vanaf ca. 1625 een type classicisme dat het tegendeel vormde van de kort tevoren door Pieter Paul Rubens gecreëerde barok. Aan het eind van de zeventiende eeuw brak zelfs een richtingenstrijd uit tussen hun navolgers (poussinisten en rubenisten). Het Hollands classicisme kwam in drie golven op: rond 1610 als reactie op het maniërisme, rond 1630 als reactie op Caravaggio’s invloed, rond 1650 als reactie op Rembrandts uitstraling.
Het opmerkelijke is dat Rubens, Caravaggio en Rembrandt zich niet laten denken zonder studie van klassieke voorbeelden. Kunstenaars van onderscheiden richtingen benaderden dezelfde bronnen zeer verschillend. Toch hadden ze genoeg gemeen om de cultuur die met de Renaissance begon te continueren. Dit veranderde omstreeks 1760 met de opkomst van het neoclassicisme. Samen met andere tendensen – waaronder het vergelijken van God en de goden – bewerkte deze stroming een breuk met de traditie. Ze maakte deel uit van de romantiek. Het neoclasclassicisme had een belangrijk theoreticus in Johan Joachim Winckelmann (1717-1768).
Verwarrend is dat de ene kunsthistoricus de term classicisme pas bij deze nieuwe ontwikkeling gebruikt (doorgaans verbonden met de romantiek), terwijl de andere hier het classicisme laat eindigen.
Auteur
Willem L. Meijer [uit: G. Harinck e.a.(red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)]
Verder lezen
Hugh Honour, Neo-classcism. Style and civilization. (Penguin books 1981 6e druk)
Albert Blankert e.a., Hollands Classicisme in de zeventiende-eeuwse schilderkunst. (Rotterdam / Frankfurt am Main 1999)