Architect (Maastricht 20.1.1893 - Maastricht 2.1.1951)
Studeerde bouwkunde in Amsterdam en werkte kort voor Jos Cuypers. In 1920 vestigde hij zich als zelfstandig architect in Maastricht. Boosten was vooral actief in de kerkbouw. Boosten was medewerker van het vernieuwende culturele periodiek De Gemeenschap en realiseerde kerken die een breuk betekenden met de gotiserende traditie, overigens zonder geheel afscheid te nemen van de kerkelijke traditie. De grotendeels in beton ontworpen Koepelkerk in Maastricht (uit 1921) is een bekend voorbeeld van zijn stijl. Boostens voorkeur voor grote bakstenen muurvlakken, plastische vormen, visuele rijkdom en artistieke aankleding sluiten aan bij het expressionisme.
Het hoogtepunt van zijn roem lag omstreeks 1950 toen hij als de belangrijkste levende kerkbouwer van Nederland gold. Zijn architectuur werd toen beschouwd als uitdrukking van de joyeuze, Limburgse volksaard. Nadien raakte hij in de vergetelheid. Belangrijke kerken van zijn ontwerp: de Koepelkerk in Maastricht (1921), de Sint-Hubertuskerk in Beek-Genhout (1937), de Gerardus-Majellakerk in Heerlen-Heksenberg (1937), de Sint-Barbarakerk in Bunnik (1939) en de Sint-Lambertuskerk in Horst (1950).
Auteur
Jos.H. Pouls [uit: G. Harinck e.a.(red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)]
Verder lezen
Jos.H. Pouls, Ware schoonheid of louter praal. De bisschoppelijke bouwcommissie van Roermond en de kerkelijke kunst in Limburg in de twintigste eeuw (Maastricht 2002)