Dichteres (Antwerpen 5.3.1493 - Antwerpen 10.4.1575)
Haar vader verkeerde in rederijkerskringen. Zij had vanaf 1536 een schooltje aan huis en voorzag daarmee in haar onderhoud. In 1528 verscheen haar eerste bundel Refereinen. Nieuwe bundels verschenen in 1548 en 1567. Haar werk bestaat vrijwel uitsluitend uit refreinen, gedichten van ten minste vier strofen, die eindigen met een vaste stokregel, waar de argumentatie of de verwoording van gevoelens steeds op uitloopt.
De refreinen uit 1528 zijn vooral felle aanvallen op Maarten Luther en zijn hervorming. De tweede bundel is iets gematigder, meditatiever van toon. In de laatste bundel overheerst de lofprijzing van God. Vanaf het midden van de twintigste eeuw wordt Anna Bijns algemeen beschouwd als een belangrijke auteur uit de Nederlandse letterkunde van de zestiende eeuw.
Auteur
T.H.M. Akerboom [uit: G. Harinck e.a.(red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)]
Verder lezen
L. Roose, Anna Bijns, een rederijkster uit de hervormingstijd (Gent 1963)