Woord, afgeleid van het Latijnse statio (wachtpost) of van het door de joden gebruikte Griekse woord statioon (gebedsplaats).
In rooms-katholieke context heeft het vier betekenissen:
1. Een van de oude basilieken te Rome (statiekerken), waar de paus in de Middeleeuwen van tijd tot tijd een plechtige mis opdroeg.
2. Het werkgebied van een pastoor, vergelijkbaar met een parochie, in de tijd dat Noord-Nederland door Rome werd beschouwd als een missiegebied, van de Reformatie tot de herinvoering van het gewone bisschoppelijke bestuur in 1853.
3. De standplaats van een missionaris.
4. Elk van de veertien afbeeldingen van een kruisweg.
Auteur
Katholiek Documentatiecentrum [uit: G. Harinck e.a.(red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)]