Pastorale zorg voor militairen en hun gezinnen.
Het gaat om pastoraal aanbod in een situatie waarin het reguliere pastoraat onbereikbaar is (bij militaire missies), en om zorg waarvoor het basispastoraat naar aard, inhoud en werkwijzen niet toereikend is omdat het onvoldoende specialistisch is.
De taken van het krijgsmachtpastoraat zijn divers. Ten eerste voorziet het in basispastorale zorg voor militairen, onder meer weekendliturgie en sacramentenbediening, vooral tijdens militaire missies. De pastorale zorg richt zich op vragen op het gebied van geloof, zingeving en moraal, waarvoor militairen in hun arbeidssituatie komen te staan. Daarnaast is er crisispastoraat, het bijstaan van militairen in bijzondere omstandigheden (ziekte, ongeval, verwonding, overlijden) en zorg voor militairen die door hun werk in een religieuze en morele identiteitsontwikkeling raken.
Met het oog op de zorgverlening nemen geestelijke verzorgers vaak als waarnemer deel in sociaal medische teams. Meer preventief biedt het militaire pastoraat lesuren geestelijke verzorging en vormingsconferenties, er morele vorming die bijdraagt aan ontwikkeling van het geweten, en gerichte pastorale zorg onder mensen die (wellicht) andere mensen moeten doden.
Ten slotte is er het structuurgericht pastoraat: de begeleiding van de organisatie bij het omgaan met vragen op het gebied van zingeving en moraal, die zij zelf genereert. Door de scheiding van kerk en staat in Nederland hoeven de geestelijke verzorgers oorlogen en de wijzen waarop ze gevoerd worden, niet te legitimeren. De taak tot zorg en de taak tot vorming staan los van de legitimatieproblematiek van de overheid en de krijgsmacht zelf. Daardoor ontwikkelt het militaire pastoraat zich vrijelijk als vorm van pastorale zorg.
Auteur
Fred van Iersel [uit: G. Harinck e.a. (red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)]