Liturgisch kledingstuk.
Een mouwloos zijden opperkleed in liturgische kleuren, gedragen door de priester als voorganger bij de eucharistieviering. Een ruime, mouwloze mantel was sinds de derde eeuw de kleding van de hogere stand en van de geestelijkheid. De mantel werd in het Latijn casula (huisje) genoemd. Toen het kledingstuk tegen de elfde eeuw in onbruik raakte, werd het exclusief een mantel die tijdens de eucharistieviering werd gedragen. In de loop der eeuwen is de vorm verschillende malen veranderd. Kazuifels konden rijk geborduurd zijn. Fraaie voorbeelden daarvan zijn te vinden in museum *Catharijneconvent in Utrecht.
Auteur
Katholiek Documentatiecentrum [uit: G. Harinck e.a.(red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)]