Vorm van apostolaat van leken. Ontstaan in de twintigste eeuw, vanaf het begin van zijn pontificaat bevorderd door paus Pius XI (1922-1939).
Het was, aldus de paus, een bewuste en weloverwogen deelname van de leek aan het hiërarchisch apostolaat van de Room-Katholieke Kerk. Vooral in Italië nam het werk van de Katholieke Actie een hoge vlucht; men werkte zowel rechtstreeks als via andere bestaande katholieke verenigingen.
In de jaren dertig kwam de Katholieke Actie ook in Nederland van de grond. Er was steeds een diocesane of plaatselijke directeur/priester aan het werk verbonden; in het bisdom van Den Bosch was dat vele jaren de latere bisschop W.M. Bekkers. Men richtte zich bijvoorbeeld op huwelijksspiritualiteit, op moderne caritas en op de kerstening van het beroepsleven. Daarnaast zocht met contacten met van de kerk vervreemde katholieken en zette men samen met de Willibrordvereniging de eerste stappen op het gebied van de oecumene. In de Tweede Wereldoorlog was het een van de weinige vormen van georganiseerd samenwerken die nog mogelijk waren.
Tijdens en na het Tweede Vaticaans Concilie verdween de Katholieke Actie stilaan en werd zij vervangen door andere vormen van lekenapostolaat.
Auteur
J. Peijnenburg [uit: G. Harinck e.a.(red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)]
Verder lezen
P. Luykx, De actie ‘voor God’ 1936-1941 (Nijmegen 1978)
P. de Haan, Van volgzame elitestrijder tot kritische gelovige. Geschiedenis van de Katholieke Actie in Nederland (1934-1966) (Nijmegen 1994)