Rooms-katholiek heilige, kerkleraar, paus (Rome ca. 540 - 12.3.604)
Gregorius werd geboren uit een Romeins patriciërsgeslacht. Gregorius was van 572-574 prefect van de stad Rome. Omdat hij al vroeg de betrekkelijkheid van rijkdom en macht inzag, werd hij monnik volgens de regel van Benedictus. Hij vormde het ouderlijk huis op de Monte Celio in Rome om tot klooster en stichtte zes kloosters op de familielandgoederen te Sicilië. In 579 werd hij door paus Pelagius II als pauselijk nuntius naar Constantinopel gestuurd. Zes jaar later werd hij naar Rome teruggeroepen om voor deze paus theologisch adviseur te worden, om in 590 met grote unanimiteit tot diens opvolger te worden gekozen. Hij reorganiseerde de bestuursstructuren van de landgoederen die de Heilige Stoel bezat in Europa en Noord-Afrika, om de in grote armoede verkerende Romeinse bevolking van voedsel en andere benodigdheden te voorzien.
Hij werd tot grondlegger van de toekomstige kerkelijke staat door de landerijen tegen aanvallen van Langobarden te beschermen. Gregorius’ politieke manoeuvres hadden een meervoudig doel: de bekering van Langobarden en van de ariaanse West-Goten in Spanje; de terugkeer van de Noord-Afrikaanse donatisten in de katholieke kerk; de verdediging van de pauselijke suprematie ten opzichte van de patriarch van Constantinopel; en de missionering van Engeland onder leiding van zijn medebroeder Augustinus (596). Daarnaast voerde hij hervormingen door in de liturgie; stelde hij de procedure voor de verkiezing van bisschoppen op, vervaardigde hij een gedragscode voor bisschoppen en drong hij aan op het celibaat van priesters. Hij regeerde met vaste hand en algemeen erkend gezag.
Zijn erenaam ‘de Grote’ dankt Gregorius aan zijn negende-eeuwse biograaf Joannes Diaconus.
In 1295 werd hij tot kerkleraar verheven. Van Gregorius’ hand verschenen onder meer de Dialogi, een boekwerk in twee delen, waarin hij de levens van de Italiaanse heiligen weergeeft: het hele tweede deel is aan het leven van Benedictus gewijd. Als nuntius was hij al begonnen met een commentaar op het boek Job, de Moralia in Iob. In de Middeleeuwen diende dit als handboek voor de moraaltheologie en de spirituele theologie.
Auteur
P. van Geest [uit: G. Harinck e.a.(red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)]
Verder lezen
F. van der Meer, Gregorius de Grote. Het leven van Benedictus (Nijmegen-Brugge [z.j.])