Belijdenis waarin het arianisme veroordeeld wordt.
In 325 riep keizer Constantijn de Grote een concilie bijeen in Nicea (Klein-Azië) met als doel een eind te maken aan de ariaanse twisten. In een vrij korte geloofsbelijdenis sprak het concilie ten aanzien van Jezus Christus uit: ‘één van wezen (Grieks: homo-ousios) met de Vader’. De strijd was daarmee verre van over; pas in 383 werd op het tweede concilie van Constantinopel deze belijdenis bevestigd. Het is de meest oecumenische belijdenis, omdat ze zowel door de Oosterse kerken als door de kerken in het Westen werd aanvaard.
Auteur
K. Runia [uit: G. Harinck e.a. (red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)]