Kerk uit de twaalfde eeuw, vlakbij de St. Pieter in Rome, gewijd aan de aartsengel Michaël en de martelaarbisschop Magnus.
Zij staat op de plaats waar al ten tijde van Karel de Grote de Friezen, in die tijd alle bewoners van de Lage Landen tussen Denemarken en Duinkerken, hun schola hadden: een verblijfplaats met wat huizen, een kerkje en een hospitaal. De Friezen bleven er komen tot in de veertiende eeuw. In de jaren tachtig werd de kerk herontdekt door de toenmalige rector van het Nederlands priestercollege op de Aventijn en latere bisschop van Breda, M. Muskens. Hij maakte de kerk tot een centrum voor de in Rome wonende, studerende of anderszins tijdelijk verblijvende Nederlanders. De kerk en het bijbehorende complex gebouwen werden gerestaureerd.
Elke zondag wordt in de kerk de eucharistie in het Nederlands gevierd. Het aan de kerk verbonden Willibrordcentrum, waarvan de grote zaal is genoemd naar de karmeliet-martelaar Titus Brandsma, is een ontmoetingsplaats voor Nederlanders in Rome.
Auteur
J. Peijnenburg [uit: G. Harinck e.a.(red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)]
Verder lezen
M.P.M. Muskens, De Kerk van de Friezen bij het graf van Petrus (Rome 1994 3e druk)