Rondzendbrief, sinds de negentiende eeuw in gebruik als het meest gezagvolle document waarmee een paus zich over kerkleer en discipline richt tot de hele rooms-katholieke wereldkerkgemeenschap.
Minder zwaarwegend zijn pauselijke schrijvens zoals een adhortatie (aansporing), een motu proprio of een bul. Meestal is een encycliek in het Latijn geschreven en het is gebruikelijk dat de eerste twee of drie woorden van de tekst ook de titel ervan vormen. Met een encycliek oefent een paus zijn gewone leergezag uit, anders dan het bijzondere leergezag dat hem toekomt wanneer hij ex cathedra spreekt en onfeilbare uitspraken doet. Bij encyclieken evenwel is geen sprake van onfeilbare uitspraken en het gezag van zulke documenten is verschillend naargelang inhoud en intentie.
Vooral sinds paus Leo XIII kwam de encycliek in zwang en is sindsdien de meest gebruikte vorm van schriftelijke communicatie van de paus met zijn onderdanen. Bij de opstelling van zijn tekst laat hij zich vaak adviseren door het wereldepiscopaat.
Auteur
L. van Gelder [uit: G. Harinck e.a.(red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)]