Ketterse beweging in het vierde-eeuwse Noord-Afrika, genoemd naar haar belangrijkste vertegenwoordiger, Donatus.
Voorgangers werden er door de donatisten van beschuldigd tijdens recente christenvervolgingen heilige boeken bij de Romeinse autoriteiten te hebben ingeleverd. Een van deze ‘verraders’ zou vervolgens hebben deelgenomen aan de inwijding van een nieuwe bisschop. Hoewel deze aanklacht ongegrond bleek, scheidden de donatisten zich af van ‘de katholieken’ en handhaafden ze hun kritiek. Door de uitlevering van de boeken had de kerk haar volmaaktheid verloren. Het gevolg was een langdurig conflict, waarbij de donatisten vaak een gewelddadige meerderheid vormden. Ze vroegen de keizer om arbitrage maar legden alle voor hen negatieve beslissingen naast zich neer. De heiligheid van de kerk, hun centrale thema, was volgens hen afhankelijk van de heiligheid van de voorgangers. Omdat onwaardige voorgangers woord en sacrament krachteloos zouden maken, pasten ze wederdoop toe.
Hun belangrijkste tegenstander was Augustinus, die steeds benadrukte dat het sacrament zijn waarde ontleende aan God. Hij gebruikte lange tijd debat en geschrift om verzoening te bewerken, maar stemde uiteindelijk in met overheidsingrijpen.
Veel donatistische denkbeelden vinden we later terug bij de wederdopers.
Auteur
J.A. Meijer [uit: G. Harinck e.a.(red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)]
Verder lezen
W.H.C.Frend, The Donatist Church. A Movement of Protest in Roman North Africa (Oxford 1952)
Mareen A.Tilley, The Bible in Christian North Africa. The Donatist World (Minneapolis1997)