Algemene kerkvergadering van de Rooms-Katholieke Kerk van 1545 tot 1563 gehouden te Trente (Italië).
Al sinds het optreden van Luther werd over een te houden concilie gesproken. Om diverse redenen kwam het er niet van. Paus Paulus III (1534-1549) begon in 1536 op aandringen van Karel V met de voorbereidingen van een algemeen concilie. De keizer heeft zelf nog geprobeerd rooms-katholieken en protestanten tot overeenstemming te brengen via godsdienstgesprekken die in 1541 in Hagenau, Worms en Regensburg gehouden werden, maar zijn poging mislukte. Paulus III zorgde er uiteindelijk voor dat op 13 december 1545 het concilie van Trente werd geopend. Het werd enkele keren voor korte of langere tijd onderbroken en ook op verschillende plaatsen gehouden (Trente en Bologna). Nadat het op 4 december 1563 gesloten was, verleende paus Pius IV op 26 januari 1564 in de bul Benedictus Deus rechtskracht aan de genomen besluiten.
Het concilie was een rooms-katholieke aangelegenheid, ook al waren op aandringen van Karel V protestantse afgevaardigden uit Duitsland bij de tweede zittingsperiode (1551-1552) aanwezig. Het concilie van Trente is van betekenis als rooms-katholieke reactie op de Reformatie (Contrareformatie). Het maakte een begin met de vernieuwing van de eigen kerk. Tegenover de protestanten werd behalve de bijbel ook de traditie als gezaghebbend erkend. De Vulgata (Vulgaat) diende beschouwd te worden als de authentieke bijbelvertaling, ondanks het feit dat er in de zestiende eeuw betere vertalingen verschenen waren. Wat de leer betreft besteedde men veel aandacht aan onderwerpen die in de discussie met de protestanten een belangrijke rol speelden. Zo sprak men in 1546 maandenlang over de rechtvaardiging. De besluiten die genomen werden betreffende het aantal sacramenten, de transsubstantiatie en de mis zijn in protestantse ogen typisch rooms-katholiek.
Auteur
W. de Greef [uit: G. Harinck e.a. (red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)]
Verder lezen
A. Tallon, Le Concile de Trente (Parijs 2000)