Godsdiensthistoricus (Leeuwarden 9.4.1848 - Bilthoven 20.4.1920)
Hoogleraar te Amsterdam (1878-1899) en Leiden (1899-1916). Zijn Lehrbuch der Religionsgeschichte beleefde verscheidene drukken. Hij werd teleurgesteld in zijn grote verwachtingen van de godsdienstwetenschap; deze bracht hem geen kennis van ‘de godsdienst’, wel van talloze godsdiensten. Mede om die reden is hij niet tot het schrijven van een fenomenologie gekomen. In Leiden legde hij zich onder meer toe op de christelijke ethiek. Vrucht daarvan was zijn studie Het christelijk leven (Haarlem 1910-1912). In deze jaren publiceerde hij ook een studie over Nicolaas Beets (Haarlem 1904) en was hij redacteur van Onze Eeuw, de christelijke concurrent van De Gids. Als publicist en hoogleraar oefende hij een grote invloed uit op het rechtsmodernisme. Zijn belangrijkste leerling was K.H. Roessingh.
Auteur
M.J. Aalders [uit: G. Harinck e.a.(red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)]
Auteur
M.J. Aalders, Ethisch tussen 1870 en 1920. Geloof, openbaring en ervaring bij Is. Van Dijk, J.J.P. Valeton jr en P.D. Chantepied de la Saussaye (Kampen 1990)
Zie ook
Pierre Daniel Chantepie de la Saussaye (2009)