Braziliaanse geestelijke (Fortaleza 7.2.1909 - Recife 27.8.1999)
Câmara werd in 1931 tot priester en in 1952 tot bisschop gewijd. In 1964 werd hij aartsbisschop van Olinda en Recife. Als geen ander in Brazilië is zijn naam verbonden met de kerk van de armen. Hij streefde ernaar de Latijns-Amerikaanse kerk los te maken uit de politieke en economische machtsstructuren waarin zij eeuwenlang was ingebed, wat hem de bijnaam van ‘rode bisschop’ opleverde. De kerk moest volgens hem kiezen voor de machtelozen in plaats van voor de machthebbers.
Câmara kreeg steun van de mede door hem in 1952 opgerichte Braziliaanse bisschoppenconferentie (CNBB) en de in 1964 opgerichte Latijns-Amerikaanse bisschoppenconferentie (CELAM). Voor zijn aanklachten tegen schendingen van de mensenrechten en zijn pleidooien voor sociale en economische rechtvaardigheid ontving hij ereburgerschappen, vredesprijzen en eredoctoraten (onder meer van de Vrije Universiteit in Amsterdam). Hij ondervond echter grote tegenwerking van zowel de Braziliaanse regering als van het Vaticaan. Paus Johannes-Paulus II verleende hem in 1985 ontslag en benoemde in zijn plaats een conservatieve aartsbisschop.
Auteur
Vefie Poels [uit: G. Harinck e.a.(red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)]
Verder lezen
Dom Helder Camara, Hopen tegen alle verwachting in (Baarn 1984)
D. Schipani, A. Wessels (red.), The Promise of Hope. A Tribute to Dom Hélder (Amsterdam 2002)