Leidinggevende functie in verschillende christelijke kerken.
Het woord is afkomstig van het Griekse episkopos, en betekende ‘leidinggevende’ in brede zin. Het woord werd in de vroege kerk overgenomen, aanvankelijk zonder dat daar een specifieke positie ten opzichte van de presbyter (priester) mee werd aangeduid. In discussie met de gnostiek ontwikkelde zich de overtuiging dat de christelijke leer wordt doorgegeven via apostolische successie, dat wil zeggen via een publieke, gegarandeerde en ononderbroken opvolging van de apostelen. Vanaf de tweede eeuw groeide het ambt van bisschop uit tot een eenhoofdig, leidinggevend bisschopsambt, waarvoor een specifieke wijding nodig is. In principe stond een bisschop toen nog aan het hoofd van een plaatselijke christelijke gemeente – wat verklaart dat er in Italië ook nu nog zoveel bisdommen zijn. De ontwikkeling vanaf de derde eeuw, van de positie van de bisschop van Rome tot primaat van de westerse kerk (paus), creëerde een spanningsveld tussen een monarchale en collegiale kerkstructuur, die in de Rooms-Katholieke Kerk tot op heden niet volledig is opgelost.
De paus is er in de loop van de Middeleeuwen in geslaagd de benoeming van de meeste bisschoppen aan zich te trekken, en het bisschopsambt daarmee te onttrekken aan benoemingspriviliges van de adel en aan het plaatselijke politiek machtsspel (investituurstrijd). Anderzijds ging deze ontwikkeling ten koste van de medezeggenschap van bisschoppen in de kerk als geheel en konden ‘nationalistische’ stromingen ontstaan als het gallicanisme in Frankrijk.
Het Tweede Vaticaans Concilie heeft door de instelling van de bisschoppensynode de bisschoppen weer meer invloed op het kerkelijk beleid willen geven. Tijdens de Reformatie zijn er verschillende kerken ontstaan die het bisschopsambt hebben gehandhaafd, zoals de Anglicaanse Kerk, de Lutherse Kerk, later ook de Oud-Katholieke Kerk. De anglicaanse en oud-katholieke kerken hebben daarbij ook vastgehouden aan de apostolische successie.
Auteur
Lodewijk Winkeler [uit: G. Harinck e.a. (red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)]
Verder lezen
Wereldraad van Kerken, Episkopè and Episcopate in Oecumenical Perspective (Geneve 1980)
G. Kretschmar en D. Wendebourg (Hrsg.), Das bischöfliche Amt (Göttingen 1999)
J. Aalbers en P. Nissen (red.), De bisschop. Kerkscheidend of kerkverenigend? (Delft 2002)