Geschriften waarin een kerkelijke gemeenschap haar geloof belijdt.
Deze geschriften zijn meestal ontstaan vanuit een situatie, waarin de kerk geconfronteerd werd met een bepaalde dwaling. Tegenover de dwaling wordt dan de rechte (orthodoxe) leer beleden in een belijdenisgeschrift, dat officieel door een kerkelijke vergadering is aangenomen. Zo zijn in de vroege kerk de belijdenis van Nicea (325/381) en van Athanasius (vijfde eeuw) ontstaan, in verband met dwalingen inzake de godheid van Christus, respectievelijk de triniteit. Ook enkele onderdelen van het Apostolicum – ontstaan uit de dooppraktijk van de tweede eeuw – zijn om deze reden aan deze belijdenis toegevoegd.
In de zestiende eeuw verschenen diverse lutherse belijdenisgeschriften. De belangrijkste hiervan zijn de Grote catechismus van Luther (1529) en de Confessio Augustana (invariata, 1530). In de gereformeerde traditie in ons land zijn de Confessio Belgica (Nederlandse geloofsbelijdenis), 1561), de Heidelbergse catechismus (1563) en de Canones van Dordt (Dordtse leerregels, 1618-1619) ontstaan.
Belijdenisgeschriften zijn (en blijven) menselijke geschriften. Ze staan niet op een lijn met de Schrift, maar moeten aan de Schrift getoetst worden. Belijdenisgeschriften dienen om te helpen het geloof dat zich grondt op de Schrift, in het heden opnieuw te belijden. Ze dragen onmiskenbaar de trekken van de tijd en de omstandigheden waarin ze zijn ontstaan. Dat is de reden waarom aan bepaalde onderdelen van de geloofsleer in een belijdenisgeschrift veel aandacht besteed wordt, zoals de avondmaalsleer in de Heidelbergse catechismus. Om dezelfde reden missen we in de belijdenisgeschriften onderdelen van het geloof die in onze tijd van grote betekenis zijn, zoals de belijdenis aangaande Israël als het volk van Gods verbond.
Auteur
W. Verboom [uit: G. Harinck e.a. (red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)]
Verder lezen
J.C. Müller, Die symbolischen Bücher der evangelischlutherschen Kirche (Gütersloh 1912)
Ph. Schaff, The creeds of christendom (Grand Rapids 1919)
J.N. Bakhuizen van den Brink, De Nederlandse belijdenisgeschriften (Amsterdam 1976 2de druk )
L. Doekes, Credo (Amsterdam 1975)
W. Verboom, Kostbaar belijden (Zoetermeer 1999)
E. Busch u.A., Reformierte Bekenntnisschriften, Bd. I/1 1523-1534 (Neukirchen 2002)
K. Zwanepol, Belijdenisgeschriften voor de Protestantse Kerk in Nederland (Zoetermeer/Heerenveen 2004)