Zwitsers Duitstalig theoloog (Luzern 12.5.1905 - Basel 26.6.1988)
Hij trad in 1929 in de jezuïetenorde en werd in 1936 tot priester gewijd. In zijn talrijke buitengewoon erudiete geschriften liet hij zich inspireren door de kerkvaders en de grote mystici, maar ook door contemporaine literatoren als Péguy en Bernanos. In 1945 stichtte hij met Adrienne von Speyer het seculier instituut van de Johannesgemeinschaft. In 1950 verliet hij de jezuïetenorde. Van groot belang voor de oecumenische verbreding van de katholieke theologie werd zijn studie uit 1951 over het oeuvre van Karl Barth. Hij gold als een van de wegbereiders van het Tweede Vaticaanse Concilie, maar heeft de post-conciliaire ontwikkelingen in West-Europa kritisch beoordeeld. Kort voor zijn dood werd hij tot kardinaal benoemd.
Auteur
Gian Ackermans [uit: G. Harinck e.a.(red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)]
Verder lezen
Medard Kehl & Werner Löser (ed.) In der Fülle des Glaubens. Hans Urs von Balthasar-Lesebuch (Basel 1980)
Karl Lehmann, Hans Urs von Balthasar. Gestalt und Werk (Köln 1989)