De eerste dag van de vasten, zes en een halve week vóór Pasen, daags na vastenavond.
De naam is ontleend aan het askruisje: de priester tekent tijdens een boeteviering het voorhoofd van de gelovige met een kruisje van gewijde as van verbrande palmtakken. Hij zegt daarbij: ‘Gedenk, mens, dat gij stof zijt en tot stof zult wederkeren’. Soms wordt de gelovigen de gelegenheid geboden zichzelf met deze as te tekenen.
Auteur
Katholiek Documentatiecentrum [uit: G. Harinck e.a. (red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)]