Reageerbuisbevruchting. De ‘geassisteerde’ voortplanting is door de techniek van in-vitrofertilisatie (ivf ) enorm uitgebreid.
Met deze methode worden eicellen en zaadcellen in het laboratorium samengebracht voor bevruchting, waarna de ontstane embryo’s in de baarmoeder worden ingebracht. Deze methode van technische bevruchting heet fertilisatie in vitro, omdat het bevruchtingsproces zich afspeelt in een petrischaaltje (en niet in een reageerbuis, zoals vaak gedacht wordt). De eerste baby die met gebruikmaking van deze methode geboren werd, was Louise Brown in Engeland.
De Rooms-Katholieke Kerk staat afwijzend tegen ivf omdat zij tegen alle technisch ingrijpen in het bevruchtingsproces is. Onder de protestanten is verschil van mening. Velen achten het selecteren van de door ivf verkregen embryo’s en het gebruiken van restembryo’s voor wetenschappelijke doeleinden onaanvaardbaar. Elk embryo mag beschouwd worden als een mens-in-ontwikkeling. Volgens anderen is een duidelijk afgesproken gebruik van de ivf-handelingen wel mogelijk. Van ivf wordt dan gebruik gemaakt binnen een huwelijksrelatie, waarbij alle verkregen embryo’s bij de moeder worden ingeplant, zodat er geen embryo’s overblijven en de zojuist genoemde nadelen vermeden worden.
Auteur
J. Douma [uit: G. Harinck e.a. (red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)]