Beweging in de negentiende eeuw die bewuste beperking van het kindertal propageerde.
De naam was ontleend aan de Engelse dominee en econoom T.R. Malthus (1766-1834) die in kinderbeperking de oplossing zag voor het armoedevraagstuk. Zijn ideeën over de oorzaak van het bevolkingsvraagstuk vonden gehoor, maar niet het aanbevolen middel: seksuele onthouding. Zijn volgelingen noemden zich daarom neomalthusianen. Zij achtten onthouding lichamelijk en psychisch ongezond en bepleitten het gebruik van voorbehoedmiddelen.
In de loop van de negentiende eeuw verschenen in Engeland en de Verenigde Staten de eerste (neo)malthusiaanse geschriften. Het neomalthusianisme werd in Nederland geïntroduceerd door C.V. Gerritsen, een van de oprichters van de Nieuw-Malthusiaanse Bond (NMB, 1881), waaraan ook zijn latere echtgenote, Aletta Jacobs, medewerking verleende. Een andere pionier binnen de NMB was Jan Rutgers.
Het neomalthusianisme is fel bestreden, zowel van katholieke als van protestantse zijde. Tegenwerking was er ook van de overheid. In 1911 werd het openlijk en ongevraagd aanbieden van voorbehoedmiddelen bij wet verboden. De felste tegenstand ondervond de NMB echter van medische kant, waar men afkerig was van de zowel fysiek als psychisch schadelijk geachte anticonceptionele methoden en middelen. Ondanks deze tegenstand slaagde de NMB er in de jaren dertig in enkele consultatiebureaus op te richten.
Na de oorlog hervatten de consultatiebureaus hun werk en de NMB herrees als Nederlandse Vereniging voor Sexuele Hervorming (NVSH), met, zoals de naamsverandering aangeeft, een bredere doelstelling dan enkel kinderbeperking.
Auteur
Hanneke Westhoff [uit: G. Harinck e.a.(red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)]
Verder lezen
G. Nabrink, Seksuele hervorming in Nederland. Achtergronden en geschiedenis van de NMB en de NVSH (Nijmegen 1978)
H.Q. Röling, De tragedie van het geslachtsleven. Dr. J. Rutgers (1850-1924) en de Nieuw-Malthusiaanse
Bond (Amsterdam 1987).