Duits fenomenoloog en existentiefilosoof, hoogleraar te Marburg en Freiburg (Messkirch 26.9.1889 - Freiburg 26.5.1976)
In zijn hoofdwerk Sein und Zeit (1927) stelde Heidegger de vraag naar de zin van het zijn. Het zijn is onderscheiden van de zijnden: de zogenaamde ‘ontologische differentie’. Heidegger meende dat de westerse filosofie de zijnsvraag vergeten heeft (‘zijnsvergetenheid’). In zijn fundamentele ontologie onderzoekt Heidegger de vraag wat het zijn eigenlijk is, via een analyse van het ‘erzijn’ (‘Dasein’). Het zijn van dit zijnde is, volgens Heidegger, telkens het mijne. In de eerste afdeling ging hij na wat de ‘existentialen’, de grondstructuren, van dit erzijn zijn. Het is een in-de-wereld-zijn, waarbij de ontslotenheid het centrum is. In de angst voor het in-de-wereld-geworpen-zijn openbaart zich de vrijheid zichzelf te kunnen kiezen. Het zijn van het erzijn blijkt uiteindelijk besloten te zijn in de zorg.
In de tweede afdeling onderzocht Heidegger het erzijn tegen de achtergrond van de tijdelijkheid. Anders dan in de traditionele filosofie waarin het ware zijn boventijdelijk is, dacht Heidegger het erzijn vanuit de tijdelijkheid en de geschiedmatigheid. Het erzijn is een zijn-ten-dode. En pas vanuit dit gegeven is een eigenlijk kunnenzijn, authenticiteit, mogelijk. Terwijl de traditionele wijsbegeerte de mens vooral ziet als een waarnemer die als subject buiten de geobjectiveerde wereld staat, tekende Heidegger de mens als iemand die zorgend, praktisch en affectief met de wereld omgaat. Zijn filosofie is radicaal immanent en wijst elk dualisme af.
In 1933/1934 trad Heidegger op als de nationaal-socialistische rector van de universiteit van Freiburg, wat in 1945 leidde tot een leerverbod van enkele jaren. Omstreden is in hoeverre zijn filosofie en politiek engagement samenhingen. Ook bediscussieerd wordt in hoeverre Heideggers opvattingen vanaf de jaren dertig een omslag doormaakten: de ‘Kehre’, waarvan in de Brief über den Humanismus (1947) wordt gerept. Heidegger richtte zich vervolgens in vele geschriften op een kritiek van metafysica en cultuur. Zijn denkwijze werd nog speculatiever. Daarbij oriënteerde hij zich veelvuldig op dichters, met name op Hölderlin.
Auteur
Jan Dirk Snel [uit: G. Harinck e.a.(red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)]
Verder lezen
Rüdiger Safranski, Ein Meister aus Deutschland. Heidegger und seine Zeit (München 1994)
Jacob van Sluis, Leeswijzer bij Zijn en tijd van Martin Heidegger (Best 1998)
Ad Verbrugge, De verwaarlozing van het zijnde. Een ethologische kritiek van Heideggers Sein und Zeit (Nijmegen 2001)