Wijsgeer (Groningen 9.6.1854 - Leiden 11.2.1922)
Gerard Bolland was aanvankelijk onderwijzer en nadien leraar Engels in Batavia. Hoewel autodidactwerd hij in 1896 hoogleraar wijsbegeerte in Leiden, waar zijn flamboyante verschijning volle zalen trok. Eerst onderging hij invloed van Von Hartmann, maar al spoedig werd Bolland apostel en popularisator van de wijsbegeerte van Hegel. Hij maakte onderscheid tussen verstand, dat stond voor het menselijk denkvermogen, en rede, het absolute dat in de mens werkt. Waar het verstand betrekking heeft op het eindige, daar is de rede op het oneindige gericht. Godsdienst werd door Bolland als een tijdelijke fase beschouwd in de zelfontwikkeling van de Idee en zou vanzelf verdwijnen. Hij beschouwde de heilsfeiten uit het evangelie als mythen en ontkende de historiciteit van Jezus.
Met zijn antisemitische rede ‘De teekenen des tijds’ (1921) zou Bolland sterke invloed uitoefenen op sympathisanten van het fascisme en vooral het nationaal-socialisme in het interbellum. Enkele van zijn belangrijkste werken zijn: Aanschouwing en verstand (1897), Zuivere rede (1904) en De boeken der spreuken (1915).
Auteur
Wim Berkelaar [uit: G. Harinck e.a.(red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)]
Verder lezen
W. Otterspeer, Bolland. Biografie (Amsterdam 1995)