Heilig boek van de joden.
Zowel Palestina als Babylonië kenden leerscholen waar in de eerste eeuwen na Chr. het onderwijs van de rabbijnen gevolgd werd. De discussies die over de uitleg van de thora gevoerd werden, werden schriftelijk vastgelegd in de Misjna en de Gemara. Zij vormen samen de talmoed (afgeleid van het Hebreeuwse werkwoord voor ‘leren’).
De Palestijnse of Jeruzalemse talmoed was bestemd voor de joden in Palestina en werd omstreeks 500 na Chr. vastgesteld. De Babylonische talmoed, die uitvoeriger is dan de Jeruzalemse talmoed, was bestemd voor de joden in Babylonië en werd een eeuw later afgesloten. Deze talmoed wordt algemeen door de joden gebruikt en als maatstaf genomen.
De talmoed geeft discussieverslagen over alle aspecten van het maatschappelijke en geestelijke leven. Orthodoxe joden hechten veel waarde aan de bestudering van de talmoed.
Auteur
W. de Greef [uit: G. Harinck e.a.(red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)]
Verder lezen
Prof. Dr. J.L. Palache, Inleiding in de talmoed (Haarlem 1980 3e druk)
A. van der Heide, Het jodendom (Kampen 2001)