Vakgebied van de theologische wetenschap, gericht op de praxis, het handelen.
Het object van studie wordt wel omschreven als ‘communicatief handelen in de dienst van het evangelie’ (J. Firet) of ‘religieus-communicatief handelen’ (J.A. van der Ven). Het vakgebied kent een aantal subdisciplines: liturgiek, homiletiek, catechetiek (godsdienstpedagogiek), pastorale theologie, pastorale psychologie, diaconiek en gemeenteopbouw. Als theologische theorie werd het vak ontwikkeld in antwoord op de Verlichting, toen kerk en religie hun vanzelfsprekendheid verloren. De praktische theologie wordt beoefend op microniveau (in relatie tot het individu), op mesoniveau (in relatie tot sociale verbanden als de kerk) en op macroniveau (in relatie tot de samenleving).
Aanvankelijk beperkte het begrip praxis zich tot het ambtelijk handelen, waarvoor men in katholieke kring de naam pastoraaltheologie gebruikte en in protestantse kring de naam diaconiologie of ambtelijke vakken. Aan de rijksfaculteiten valt het vakgebied onder de kerkelijke vakken. Later werd praxis verbreed tot kerkelijk handelen en anno 2000 tot de praxis van religie en geloof in de samenleving. F. Schleiermacher gaf aan dit vakgebied een zelfstandige plaats binnen zijn encyclopedische ontwerp Kurze Darstellung (1811). De eerste Nederlandse inleiding tot het vakgebied is van de Groninger theoloog W. Muurling: Practische Godgeleerdheid (1851).
In Nederland kreeg het vakgebied sterke impulsen vanaf de jaren zestig van de twintigste eeuw, toen secularisatie en kerkverlating begonnen door te zetten. Hierbij moeten de namen genoemd worden van de hoogleraren J. Firet (Vrije Universiteit) en F. Haarsma (Nijmegen). Met name de opkomende sociale wetenschappen (godsdienstsociologie, godsdienstpsychologie en agologie) hebben tot een methodologische versterking van het vak geleid en het onderzoek in positieve zin beinvloed.
Auteur
Gerben Heitink [uit: G. Harinck e.a. (red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)]
Verder lezen
J.A. van der Ven, Entwurf einer empirischen Theologie (Kampen 1990)
G.D.J. Dingemans, Manieren van doen. Inleiding tot de studie van de praktische theologie (Kampen 1996)
G. Heitink, Praktische theologie: geschiedenis – theorie – handelingsvelden (Kampen 1993, 2000 2e druk)
A.K. Ploeger en J. Ploeger-Grotegoed, De gemeente en haar verlangen; van praktische theologie naar de geloofspraktijk van de gemeenteleden (Kampen 2001)