Vernieuwingsbeweging van de katholieke theologie die begon in de jaren veertig van de twintigste eeuw.
De ‘nieuwe theologie’ ontstond aan de theologische faculteit van de jezuïeten in Lyon-Fourviëre (Frankrijk). Bekende namen zijn Henri de Lubac, Henri Bouillard en Yves de Montcheuil. Ook Teilhard de Chardin en Jean Daniélou worden ertoe gerekend. In ruimere zin hoort het theologische werk van dominicanen zoals Marie-Dominique Chenu, Yves Congar en Henri Féret er ook toe. Allen waren ervan overtuigd dat de kerkelijk verplichte neoscholastieke theologie moest worden opengebroken. Deze blokkeerde een zinvol verstaan van de christelijke traditie. De theologie diende kritisch en creatief te worden geherformuleerd. Daarom wil men nieuwe historische inzichten in de ontstaansgeschiedenis van mens en religie, en in het christendom in het bijzonder, sterk laten meewegen in het theologische onderzoek. In de neoscholastieke theologie werd historische kennis zonder belang geacht voor de inzichten in de theologische wetenschap.
De betrokken theologen hebben de naam Nouvelle théologie niet zelf uitgevonden. Het was een aanduiding die voor het eerste werd gebruikt door tegenstanders die wilden vasthouden aan de neoscholastieke theologie. Met deze naam is een aanval ingezet op de vernieuwing van de theologie. De aanval werd vanaf 1946 ondernomen door theologen uit Toulouse (M. Labourdette) en Rome (R. Garrigou-Lagrange) die behoorden tot de orde van de dominicanen. Deze critici beweerden dat de door hen gewraakte theologen sterk waren beïnvloed door de Frans filosoof Maurice Blondel en dat ze ‘modernistisch’ waren (zie modernisme). Bovendien vermoedden de critici een clandestien netwerk van deze zogenaamde modernisten. In een historische terugblik blijkt wél dat er een groot verschil is tussen neoscholastieke theologie, en historisch georiënteerde theologie die zou uitgroeien tot hermeneutisch georiënteerde theologie. Van een clandestien netwerk is nooit een spoor gevonden.
Auteur
T. van den Hoogen [uit: G. Harinck e.a.(red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)]
Verder lezen
Cl. Geffré, Un nouvel âge de la théologie (Paris 1972)