Kuipers, Tjeerd

kuipers.JPG

Architect (Gorredijk 21 december 1857 - Laren 13 november 1942)

Een van zijn bekendste bouwwerken, de Koepelkerk in Leeuwarden, moet volgend jaar zijn deuren sluiten. Vergrijzing en ontkerkelijking eisen ook in Friesland hun tol. De zesduizend zielen tellende Leeuwardense PKN-gemeente heeft de achterliggende twee jaar zeshonderd leden moeten uitschrijven, de helft als gevolg van overlijden. Minder kerkgangers betekent minder inkomsten. Om het hoofd boven water te houden wil de algemene kerkenraad vier van de zeven kerkgebouwen sluiten, waaronder Kuipers’ monumentale schepping met zijn karakteristieke groene koepel. En zijn drie gebrandschilderde roosvensters van gekleurd kathedraalglas. Toen de onheilstijding twee jaar geleden, op zondagmorgen, werd bekendgemaakt schoten kerkgangers vol. En nog steeds lopen de emoties hoog op. ‘Hoe moet ik dit verantwoorden tegenover mijn oerpake en oerbeppe?’ reageert een gemeentelid. ‘Zij moesten elke cent omdraaien, maar op de schoorsteenmantel legden ze geld apart voor de kerk. Dat gereformeerde erfdeel van de kleine luyden moet je bewaren.’

De wieg van de bouwer van de Koepelkerk stond een kilometer of dertig zuidoostelijker, in Gorredijk. Tjeerd Kuipers was het tweede kind van timmerman en aannemer Egbert Kuipers wiens twee andere zoons, Roelof en Foeke, ook architect zouden worden. Tjeerd volgde de hbs in Heerenveen waarna hij in een timmerwinkel kwam te werken: bestekken afschrijven, tekeningen overtrekken, aanbestedingen uitrekenen. Vervolgens ging hij in de leer bij de Leeuwarder architect J.P.J. de Rooy, om daarna werkzaam te worden bij gemeentewerken in Meppel.

Toen zijn vader rond 1880 besloot zijn heil in Holland te zoeken volgde de inmiddels 23-jarige Tjeerd het spoor van het gezin. Het streek neer in Amsterdam waar Tjeerd voor zijn vader ging werken die veel boerderijen bouwde. De zoon bleek getalenteerd. Een van zijn boerderijontwerpen werd in 1884 bekroond op de internationale landbouwtentoonstelling in Amsterdam. Kuipers’ hart ging echter naar de architectuur uit. Hij bemachtigde een plaats op het bureau van Gerlof Salm, jarenlang de vaste architect van dierentuin Artis. Daarna ging Kuipers voor het bureau van Berlage en Sanders werken. De Doleantie bezorgde de jonge architect de nodige opdrachten. Hij bouwde gereformeerde kerken in Makkum, Amsterdam (Funenkerk), Heeg en Rotterdam. De kerken waren gebouwd in neo-renaissancestijl, volgens de directieven van Doleantieleider Abraham Kuyper die de gotiek verfoeide.

In 1890 won Kuipers ook een prijsvraag voor kerkbouw, met een ontwerp voor de doopsgezinde gemeente in Deventer. Hij vestigde zich vervolgens als zelfstandig architect en bouwde in heel Nederland kerken, rond de vijftig in totaal. Na zijn eerste kerken, die in neo-renaissancestijl waren opgetrokken, bouwde Kuipers in de tweede helft van de jaren negentig een aantal kerkgebouwen die romaanse en gotische trekken kenden, waaronder de Oosterkerk in Den Haag. Vanaf de eeuwwisseling zocht Kuipers aansluiting bij het rationalistische functionalisme van Berlage waarin ornamenten overigens allerminst ontbraken. Een fraai voorbeeld hiervan is de door Kuipers in 1901 gebouwde Zuiderkerk in Groningen. De Wilhelminakerk in Dordrecht, die drie jaar eerder verrees, ontwierp hij volgens de liturgische richtlijnen van Kuyper. Kansel en doopvont stonden centraal, wat resulteerde in een amfitheaterachtig interieur en een exterieur dat nadrukkelijk afweek van de kruisvormige katholieke kerken. Ook de Leeuwarder Koepelkerk, die in 1923 werd gebouwd, is volgens dit concept gebouwd.

Kuipers, een Fries uit één stuk met bijpassend, niet altijd even gemakkelijk karakter, was ook in de profane bouwsector actief. Voor woningbouwvereniging Patrimonium, van orthodox-protestantse signatuur, ontwierp hij woningblokken in onder meer Amsterdam (Spaarndammerbuurt), Zaandam en Haarlem. Ook bouwde Kuipers scholen, waaronder het gereformeerd gymnasium in Amsterdam, aan de Keizersgracht. De hoofdstad bezit ook zijn opmerkelijkste schepping, ‘De Zeven Landen’, een in opdracht van bankier Sam van Eeghen gebouwde rij van zeven woonhuizen in de Roemer Visscherstraat. Elk huis is opgetrokken uit de bouwstijl van een Europees land: Duitsland, Frankrijk, Spanje, Italië, Rusland, Nederland en Engeland. Dit architectonische Verenigd Europa zal de tand des tijds vermoedelijk langer doorstaan dan veel van Kuipers’ kerkgebouwen.

Auteur
Peter Bak, voor Protestant.nl
23 augustus 2010

Informatie op internet
Biografisch woordenboek van Nederland
Friesch Dagblad