De affaire-Galileï, Jan Marijnissen en de val van het geloof

flipse.jpg

God verwierp ik in de pauze op het schoolplein, in de derde klas van het christelijk gymnasium, schrijft Nicolaas Matsier in zijn autobiografische roman Gesloten huis. Generatiegenoot en SP-voorman Jan Marijnissen verloor het geloof toen hij zo’n jaar of twintig was en de film Galileo had gezien. Wetenschapshistoricus Ab Flipse grijpt deze ontboezeming die Marijnissen onlangs in het tv-programma Zomergasten deed aan om na te denken over de film, de affaire-Galileï en de beweegredenen van de mens die zich afkeert van geloof en kerk.

‘Toen ik dit had gezien kostte het niet veel moeite meer om het geloof af te zweren,’ aldus SP-roerganger Jan Marijnissen. Hij was te gast in de eerste aflevering van een nieuw seizoen Zomergasten en had net een fragment laten zien van de film Galileo (1975), naar een toneelstuk van Bertolt Brecht. Marijnissen had het toneelstuk voor het eerst gezien toen hij een jaar of twintig was, dezelfde tijd waarin hij zich ook losmaakte van het katholieke geloof waarmee hij was opgevoed.

Het verhaal van Galileo Galileï (1564-1642) is bekend: de Italiaanse wiskundige die in conflict kwam met de Rooms-Katholieke Kerk nadat hij zich had opgeworpen als verdediger van het copernicaanse wereldbeeld – het idee dat de aarde als een van de planeten om de zon draait, en dus niet het middelpunt van het heelal is zoals daarvoor werd gedacht. De Galileï-affaire is symbool geworden voor het conflict tussen geloof en wetenschap: de achterlijkheid van de kerk tegenover de vooruitstrevendheid van de denkende en onderzoekende mens.

Over de Galilei-affaire hebben historici inmiddels boekenkasten vol geschreven. Hoe kon het zover komen dat Galilei, die aanvankelijk een goede verstandhouding had met de paus, in 1633 gedwongen werd zijn denkbeelden af te zweren en de rest van zijn leven onder huisarrest door te brengen? De vele historische studies hebben de precieze toedracht inmiddels grondig in kaart gebracht en geven evenzovele verklaringen voor de oplopende spanningen en de uiteindelijke veroordeling. Onhandige manoeuvres van Galileï, persoonlijke antipathieën, een botsing tussen verschillende natuurfilosofieën, Galileï’s pogingen om zelf een exegese te geven van relevante bijbelgedeelten (iets wat in de Rooms-Katholieke kerk was voorbehouden aan de geestelijkheid) en nog andere factoren lijken allemaal een rol te hebben gespeeld.

Het toneelstuk van Brecht is, uiteraard, een persoonlijke interpretatie en een theatrale verwerking van de historische gebeurtenissen. In het filmfragment dat Marijnissen in Zomergasten liet zien is Galileï in gesprek met een jonge priester-natuurwetenschapper. Deze jongen is aan hevige twijfel onderhevig. Hij is eigenlijk overtuigd van de juistheid van Galileï’s inzichten, maar toch vraagt hij zich af of hij niet simpelweg moet gehoorzamen aan het pauselijke decreet. Wat hem aan het hart gaat, is de gemoedsrust van eenvoudige mensen die zich ondanks al hun zorgen, honger en armoede getroost weten door de kerk. Wat moeten deze mensen als hun wordt verteld dat zij slechts voortploeteren op een steenklomp die rondom een van de sterren draait? In gesprek met Galileï komt de leerling echter tot een ander inzicht. Het is immers de kerk, zo realiseert hij zich, die ervoor zorgt dat de maatschappelijk structuur waarin deze mensen zowel arm als onwetend worden gehouden blijft bestaan? Wanneer mensen zelf zouden gaan denken kan die bestaande maatschappelijke orde worden vernietigd. Meer kennis zal tot meer geluk leiden.

Brecht heeft verschillende versies van zijn Galileo geschreven en met name de laatste, die in 1947 in de Verenigde Staten in première ging en later werd verfilmd, is wel een marxistisch stuk genoemd. Brecht legt daarin sterk de nadruk op de maatschappelijke verantwoordelijkheid van de wetenschapper en diens roeping de maatschappij te veranderen. Het zal geen toeval zijn dat de jonge Marijnissen door dit toneelstuk werd aangesproken.

Ongetwijfeld heeft Marijnissen meer (goede) redenen gehad om afstand te nemen van het katholicisme van zijn jeugd. Het is echter wel te hopen dat hij, als initiatiefnemer van het Nationaal Historisch Museum, Brechts artistieke verwerking van het leven van Galileï heeft onderscheiden van de historische Galileï. De ‘echte’ Galileï-affaire was namelijk geen botsing van wetenschap en geloof en ging ook niet over het breken van de macht van de kerk door de spreiding van kennis. Maar misschien is een aangrijpend toneelstuk ook wel een betere reden om je geloof vaarwel te zeggen dan een gebeurtenis uit een grijs verleden.

Ab Flipse, voor Protestant.nl
25 augustus 2010

Ab Flipse werkt aan de Vrije Universiteit aan een promotieonderzoek over gereformeerde en rooms-katholieke natuurwetenschappers in de periode 1880-1940.

Reacties

Nieuwe reactie inzenden

  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Allowed HTML tags: <a> <em> <strong> <cite> <code> <ul> <ol> <li> <dl> <dt> <dd> <br> <p>
  • Regels en paragrafen worden automatisch gesplitst.

Meer informatie over formaatmogelijkheden

  ____             ___    _   
/ ___| __ __ / _ \ | |_
\___ \ \ \ / / | | | | | __|
___) | \ V / | |_| | | |_
|____/ \_/ \__\_\ \__|
Enter the code depicted in ASCII art style.